Bergingsverzoek
Wat mag er naar de Slufter?
Uitsluitend baggerspecie afkomstig van waterbodem en residuen afkomstig
na be-/ verwerking van baggerspecie kunnen geaccepteerd worden door de Beheerorganisatie
Slufter.
Aanvraagformulier.
Dien altijd een volledig ingevuld formulier in bij het bergingsverzoek.
Analyseresultaten.
Analyseresultaten bij reguliere onderhoudswerken mogen niet ouder zijn dan maximaal
2 jaar, voor saneringsprojecten is dit maximaal 5 jaar.
Saneringsprojecten zijn vaak vanwege de hoge mate van verontreiniging, op basis
van ecologisch en milieukundig oogpunt door de overheid vastgesteld.
Per mengmonster moeten de analyseresultaten en zeefkromme worden ingediend. In het
waterbodem onderzoek moet duidelijk vermeld worden hoe de samenstelling van de mengmonster
tot stand is gekomen.
Machtiging en akkoord van de waterbodembeheerder.
Bergingsverzoeken ingediend door een advies-/ ingenieursbureau of aannemer moeten
vergezeld gaan van een brief (machtiging) van de waterbodembeheerder.
De waterbodembeheerder kan in deze brief tevens aangeven wie de facturatie zal afhandelen.
Blijft de waterbodembeheerder dit in eigen beheer houden is een schriftelijk akkoord
voor de met het bergingsverzoek gemoeide kosten noodzakelijk.
Asbest verdachte locaties.
Mocht uit historisch en/of locatieonderzoek blijken dat de baggerspecie mogelijk
asbest kan bevatten zal een aanvullend onderzoek conform een Nederlands Technische
Afspraak (NTA) moet worden verstrekt.
Asbesthoudende partijen worden in principe niet geweigerd, maar vanwege de ARBO
omstandigheden alleen per beunbak worden geaccepteerd.
Hoeveelheidberekening.
Per verontreinigde klasse-indeling is het noodzakelijk een overzichtelijke kubering
aan te geven.
Peiltekeningen en dwarsprofielen kunnen de onderbouwing ondersteunen.
Locatietekening en monsterpunten.
Per te baggeren locatie is het noodzakelijk een duidelijke tekening met de bemonsteringspunten
aan te geven. Locatie foto’s kunnen ondersteunen.
Opzet waterbodemonderzoek.
Het vooropgestelde waterbodemonderzoek van de locatie moet voldoen aan de door de
Beheerorganisatie Slufter gestelde criteria en de erkende protocollen. De volgende
protocollen kunnen hiervoor gebruikt worden.
- NEN 5720.
- Monster Campagne Rotterdam (HbR, RWS-ZH).
- Nota Uitwerking Baggerbeleid III (Zuid Holland).
- Ministeriele regeling vaststelling klasse-indeling onderhoudsspecie.
- Protocol voor het oriënterend onderzoek.
- Protocol voor het nader onderzoek.
Afwijkingen van de bestaande protocollen kunnen enkel na toestemming van de beheerders
worden geaccepteerd.
Residuen.
Residuen en producten die overblijven na be-/ verwerking op locatie buiten de Slufter
gelegen, kunnen na toestemming van de beheerders van de Beheerorganisatie Slufter
worden geborgen in de Slufter. Uiteraard dient het voorliggende waterbodemonderzoek
te worden overhandigd.
Het residu moet onderzocht worden op het gehele analysepakket. Het aantal te analyseren
(meng)monsters van de partij wordt in overleg met de beheerders bepaald.
Termijn behandeling aanvraag.
Een volledig ingevuld bergingsverzoek zal doorgaand binnen 3 werkweken worden afgehandeld.
Uitzonderingen hierop zijn de bergingsverzoeken afkomstig van de achterland verbindingen
(ALV) en uit overige delen van Nederland, is toestemming van het Management Team
Slufter (MTS) noodzakelijk.
Het MTS vergadert slechts één keer per maand.
Als de Beheerorganisatie Slufter op basis van de aangeleverde gegevens instemt met
berging in de Slufter worden alle relevante gegevens van de partij, inclusief het
toegekende afvalstroomnummer(s) vastgelegd in een overeenkomst voor be-/ verwerking
en/of berging.
Na wederzijdse ondertekening wordt het betreffende afvalstroomnummer(s) geactiveerd.


